Basisonderwijs bovenbouw

Groep 5-6: Prooi- of roofdier

  • DSC_0012+Weten de leerlingen het verschil tussen een prooi- en een roofdier? Hoe kunnen ze zien dat een buizerd een vleeseter is en een eend een planteneter? De leerlingen doen verschillende opdrachten die staan opgesteld tussen o.a. de Europese vogels en de tropische vlinders. Hoe bizar is het om te ontdekken dat bijvoorbeeld een kikker tegelijk een prooi en een roofdier is? Niet alleen de kikker is beide maar ook de levende museum-koningspython Loesje is een geweldig roofdier maar ook een prooidier. De leerlingen ontmoeten Loes en kunnen met eigen ogen zien en voelen hoe bijzonder de natuur is
  • Soort programma: onderzoekend met interactieve opdrachten
  • Dit programma vindt plaats in de Wonderkamers en sluit aan bij de volgende kerndoelen:
    kerndoel 40 (verscheidenheid en eenheid, instandhouding, relatie met de omgeving)
    kerndoel 41 (het eigen lichaam, bouw en functie van het skelet, overeenkomsten en verschillen)

Groep 5-8: Buitengewone Beesten!

  • De natuur kan bijzonder mooi en inspirerend zijn, maar soms maakt de natuur een foutje. Dat is waar de nieuwe vaste tentoonstelling Buitengewone Beesten over gaat. Van het ontstaan van een embryo, de metamorfose van een kikkervisje, de albino huismus en het tweekoppige kalf. Tussen de buitengewone beesten zijn ook normale maar buitengewone dieren te vinden zoals het vogelbekdier of de neushoornvogel!
  • Soort programma: onderzoekend
  • Dit programma sluit aan bij Buitengewone Beesten, de Wonderkamers en bij de kerndoelen:
    Kerndoel 40 (verscheidenheid en eenheid, instandhouding, relatie met de omgeving)
    Kerndoel 41 (het eigen lichaam, overeenkomsten en verschillen)

Groep 5-8: Weet wat een uil eet!

  • Altijd al willen weten wat uilen eten? Dit bijzondere nachtdier eet vooral muizen en braakt alle botjes en haren weer uit. Tijdens dit braakballenpracticum ontdekken de leerlingen zelf welke muizen de kerkuil allemaal eet. Het bezoek begint eerst met een korte introductie over de uilen zelf; hoe jaagt een uil, welke soorten leven in Nederland en wat hoe kan hij ’s nachts zo goed zien? Bij het uitpluizen van de braakbal ontdekken de leerlingen aan de hand van een menselijk skelet en hazenbotten welke botjes waar zitten in het lichaam. De gevonden botjes mogen mee naar school/huis.
  • Soort programma: onderzoekend practicum
  • Dit programma sluit aan bij Twente bij Nacht en bij de volgende kerndoelen:
    Kerndoel 39 (milieubetekenissen, verwondering en schoonheid)
    Kerndoel 40 (verscheidenheid en eenheid, instandhouding, relatie met de omgeving)
    Kerndoel 41 (het eigen lichaam, bouw en functie van het skelet, overeenkomsten en verschillen)

Groep 5-8: Waterdieren

  • Heel veel aparte en bijzondere maar toch ook normale dieren zoals schaatsenrijders, watermijt, stekelbaarsjes en zelf salamanders zijn te vinden in de vijvers van de museumtuin. Gewapend met een visnet, een bak water en een loeppot ontdekken de leerlingen welke grote en kleine dieren onder het wateroppervlak leven en hoe belangrijk schoon oppervlakte water is voor de dieren in de natuur. Door middel van een zoekkaart en loep worden de dieren gedetermineerd en gedetailleerd nagetekend.
  • Dit practicum is, afhankelijk van het waterdierenseizoen, van april tot circa eind september, te volgen
  • Soort programma: onderzoekend practicum
  • Dit programma vindt plaats bij de museumvijver en sluit aan bij de volgende kerndoelen:
    Kerndoel 39 (milieubetekenissen, verwondering en schoonheid)
    Kerndoel 40 (verscheidenheid en eenheid, instandhouding, relatie met de omgeving)
    Kerndoel 41 (overeenkomsten en verschillen, voortplanting van dieren)

Groep 5-8: Bodemdieren

  • Buiten in de tuin van het museum wemelt het van de kleine kriebeldiertjes. Ze zijn niet altijd makkelijk te vinden maar als je weet waar ze zitten zie je opeen overal bodemdiertjes. Onder een boomstronk zit een jonge pissebed met zes paar poten, pas als hij volwassen is krijgt hij zeven paar poten! De leerlingen ontdekken allemaal dieren die nauw samenleven met elkaar en een belangrijke rol hebben in de voedselkringloop. Want ondanks dat ze er volgens de leerlingen vaak ‘raar’ uitzien zijn deze diertjes heel nuttig en belangrijk.
  • Dit practicum is afhankelijk van het seizoen, van eind maart tot circa half oktober, te volgen
  • Soort programma: onderzoekend practicum
  • Dit programma vindt plaats in de museumtuin en sluit aan bij de volgende kerndoelen:
    Kerndoel 39 (milieubetekenissen, verwondering en schoonheid)
    Kerndoel 40 (verscheidenheid en eenheid, instandhouding, relatie met de omgeving)
    Kerndoel 41 (overeenkomsten en verschillen, voortplanting van dieren)

Groep 6-8: Overleven in weer en wind

  • De klimaten op aarde zijn aan het veranderen, maar wat betekent dat nu eigenlijk? Wat zijn klimaten en wat is het effect van veranderingen op de dieren in de natuur? Tijdens dit bezoek maken de leerlingen kennis met 5 verschillende klimaten in Europa en 5 diersoorten die in die klimaten kunnen leven. Wat als die klimaten veranderen? Als de temperatuur in de Alpen oploopt, wat betekent dat voor de Alpenmarmot? Misschien wel geen winterslaap meer. En kan de sneeuwuil nog jagen in IJsland als er geen sneeuw meer is? In tweetallen ontdekken de leerlingen welke landen, klimaten en dieren bij elkaar horen en ervaren ze de voordelen/problemen die deze dieren tegen gaan komen bij klimaatveranderingen.
  • Soort programma: kennismakend/onderzoekend met opdrachtenkaart
  • Dit programma vindt o.a. plaats in de Wonderkamers en sluit aan bij de volgende kerndoelen:
    Kerndoel 40 (relatie met de omgeving)
    Kerndoel 43 (weer en klimaat)
    Kerndoel 49 (weer en klimaat, droge gebieden, bomen en bossen, bergen, water)

Groep 7-8: Tot op het bot

  • Botten zijn er in alle vormen en maten, dit bezoek begint met een onbekend groot bot, van welk dier zou het zijn? En welk bot is het? De leerlingen gaan in de Werkkamer van Bernink op zoek naar het antwoord. Daarna gaan de leerlingen in tweetallen verschillende opdrachten doen met botten. Hoe bewegen botten, waar zorgen botten voor en wat is er op een röntgenfoto allemaal te zien?
  • Soort programma: onderzoekend met interactieve opdrachten
  • Dit programma vindt plaats in de Wonderkamers en sluit aan bij de volgende kerndoelen:
    kerndoel 40 (verscheidenheid en eenheid)
    kerndoel 41 (overeenkomsten en verschillen)

Extra activiteiten voor alle groepen:

Verwondervragen


Welke vogel zou je willen zijn en waarom? Wat zou de mammoet vroeger hebben meegemaakt? Zoek een heel grote dino-pootafdruk, hoe vaak past jouw hand erop? Dit soort vragen en nog veel meer vind je in bijna alle zalen van het museum. Deze verwondervragen inspireren om de collectie net even anders te bekijken, ervaren en ontdekken. Zelfstandig te doen maar ook in groepjes.

Safarispeurtocht

 
Wat staan er veel dieren in het museum en allemaal unieke dieren. Op de safarispeurtocht staan detailfoto’s van dieren uit het museum, zoals het oog op een pauwenveer of een schub van de zeekrokodil. Met de speurtocht in de hand moet je goed kijken en vergelijken, welke kleur, vorm, structuur, wat zou het kunnen zijn? De leerlingen gaan met de foto’s op zoek naar het juiste dier in elke zaal. Zelfstandig maar ook in tweetallen of kleine groepjes is dit een leuke manier om het museum te ontdekken!

 

Programma op maat

Activiteiten die aansluiten op het programma van de school of klas zijn ook mogelijk. Natura Docet Wonderryck Twente heeft een mooie collectie waar verschillende thema’s aan bod komen. Van lichtgevende stenen, fossielen, opgezette dieren tot tropen, Afrika, klimaten, voortplanting of evolutie. Via a.dullaert@wonderryck.nl kunt u contact opnemen over de mogelijkheden.